Wat is 'E-Methanol' en hoe wordt het geproduceerd?

R
Redactie Jumboship
Redactie
Brandstoffen, Emissies & Duurzaamheid in de Offshore · 2026-02-15 · 7 min leestijd
Stel je voor: je vaart met je zware kraan op een offshore platform en je moet een nieuwe turbine liften. De dieseldampen van je generator mengen zich met de zilte zeelucht. Iedereen in de industrie voelt de druk. We moeten verduurzamen, maar we kunnen niet zonder power. Daar komt E-Methanol om de hoek kijken. Het is niet zomaar een hype. Het is een vloeibare brandstof, gemaakt van lucht en water, die straks jouw heavy-lift schepen en offshore installaties aan de praat kan houden zonder de uitstoot de lucht in te jagen. Laten we eens kijken hoe dit in elkaar steekt, zonder ingewikkelde theoretische verhaallijnen.

De basis: Wat heb je in hemelsnaam nodig?

Om E-Methanol te maken, heb je eigenlijk drie dingen nodig: groene stroom, water en koolstofdioxide (CO2).

Denk aan een gigantisch stuk Lego, maar dan voor volwassenen op zee. De groene stroom haal je uit windmolens of zonnepanelen. Op een offshore platform heb je die al.

Of je legt een kabel vanaf het vasteland. Dan het water. Zout water van de oceaan is prima, maar het moet eerst worden ontdaan van zout (ontzouting).

Dat proces kost energie, dus je wilt dat zo efficiënt doen. De CO2 is de laatste schakel.

Die haal je meestal direct uit de uitlaatgassen van de gasgestookte turbines op het platform. Je vangt die gassen op (Carbon Capture) en gebruikt ze als grondstof. Zonder deze drie componenten – stroom, water, CO2 – kom je nergens. Het is een kwestie van de juiste spullen bij elkaar brengen op een locatie die geschikt is voor zware operaties. We hebben het hier over een productie-eenheid van pakweg 5 tot 10 megawatt (MW) om een beetje serieus te worden als maritieme sector.

Stap 1: De stroom erop en het water erdoor

Je begint met de elektriciteit. Sluit de elektrolyser aan op het netwerk van het platform.

Dit apparaat is je basis. Je moet een installatie hebben die een vermogen aankan van minimaal 5 MW voor een beginnetje.

Zorg dat de kabels en schakelkasten berekend zijn op deze piekbelasting. Het gaat hier om wisselstroom (AC) die eerst wordt omgezet naar gelijkstroom (DC) voor de cel. Terwijl de stroom loopt, pompen we zeewater door een ontzoutingsinstallatie.

Dit duurt ongeveer 1 tot 2 uur voordat je voldoende zuiver water hebt verzameld voor de eerste batch. Veelgemaakte fout: te weinig druk op de pomp zetten. Dan krijg je troebel water en dat vernielt je elektrolyser. Je hebt ongeveer 9 liter water nodig per kilo methanol, dus reken even door hoeveel je per dag verbruikt.

De spanning moet stabiel zijn. Schommelingen in het net op zee zijn normaal, maar je elektrolyser is een gevoelig beestje.

Gebruik een buffer of een stabiele power-supply. Als je dit niet doet, loop je het risico dat de cellen oververhitten. En dat wil je niet op een platform waar je ver van de wal bent.

Stap 2: De chemie in gang zetten (De Elektrolyse)

Nu het echte werk. Het zuiver water gaat de elektrolyser in. Door de elektriciteit splitst het water (H2O) in waterstof (H2) en zuurstof (O2).

Dit gebeurt in een PEM (Proton Exchange Membrane) of Alkaline elektrolyser. Voor offshore is PEM vaak favoriet vanwege de compacte bouw en snelle respons.

Je produceert nu groene waterstof. De waterstof moet direct worden gebruikt.

Opslaan is lastig en duur op een platform. De waterstof gaat meteen door een leiding naar de volgende stap. Het is een gas dat ongeveer 700 bar druk kan geven, maar we hoeven het nu niet op te slaan.

We pompen het direct naar de reactor. Een veelgemaakte fout is het niet goed drogen van de waterstof.

Er zitten altijd sporen water in. Als dat de reactor in gaat, verpest het de katalysator. Gebruik drogers (moleculaire zeven) en controleer het dauwpunt. Je wilt -40°C dauwpunt hebben voordat de gassen de reactor in gaan.

Stap 3: De CO2 vangen en mengen

Tegelijkertijd met de waterstof, halen we de CO2 uit de uitlaat van de turbine. De turbine op een platform draait vaak op aardgas – of wordt gevoed door walstroom voor offshore installaties – en produceert een CO2-rijke stroom van ongeveer 3 tot 4 bar druk.

We pompen deze gassen door een 'amine scrubber' of een ander vangstsysteem.

Het proces zuivert de CO2 tot een concentratie van 99% of hoger. Dit duurt even, afhankelijk van de grootte van de gasstroom. Reken op een uur om voldoende CO2 te verzamelen voor een batch.

De druk moet worden opgevoerd naar ongeveer 20 tot 30 bar om het te kunnen mengen met de waterstof. De fout die hier vaak wordt gemaakt: verontreinigingen in de CO2 (zwavel, stikstof).

Die doden de katalysator in de synthesestap. Zorg voor een grondige voorreiniging. Het is alsof je motorolie vult, maar je filtert het zand er niet uit.

Stap 4: De synthese (Methanol Synthese)

Nu komen waterstof en CO2 samen in de reactor. Dit is een exotherme reactie (het geeft warmte).

De reactor is een drukvat, vaak een 'slurry reactor' of een vaste-bed reactor. De druk ligt tussen de 50 en 100 bar. De temperatuur is ongeveer 250°C tot 300°C. De katalysator (meestal koper op basis) zorgt ervoor dat de waterstof en CO2 reageren tot methanol (CH3OH) en water.

De chemische formule is eenvoudig: CO2 + 3H2 -> CH3OH + H2O. De output is een gasmengsel met methanol en waterdamp.

Een veelgemaakte fout is de temperatuur te hoog te laten oplopen. Dan krijg je geen methanol maar methaan (CH4), wat waardeloos is voor onze doeleinden.

De katalysator degradeert dan snel. Goede temperatuurregeling is goud waard.

Stap 5: Afscheiden en opslaan (Distillatie)

Het gasmengel verlaat de reactor en gaat naar een condensor. Hier koelen we het af tot ongeveer 40°C.

De methanol en het water condenseren en vormen een vloeistof. Dit is nog geen zuivere methanol; het is een ruwe mix.

Deze vloeistof gaat naar een distillatiekolom. Door het op te warmen scheiden we de methanol van het water. Methanol kookt op 65°C, water op 100°C.

We vangen de methanol op en leiden het water af (dat kan worden hergebruikt voor de elektrolyser). De uiteindelijke zuiverheid moet 99,85% zijn voor duurzaam gebruik als scheepsbrandstof.

Het eindproduct is een heldere vloeistof. We slaan het op in een tank die geschikt is voor methanol (roestvrij staal of speciale coating). Een tank van 1000 kubieke meter is een gangbare maat voor offshore operaties.

Veelgemaakte fouten en veiligheid

Methanol is een sluipmoordenaar. Het is kleurloos en ruikt (bijna) niet.

Als het in je longen komt of door je huid wordt opgenomen, word je blind of erger.

Op een schip of platform met zware liftingen is dat levensgevaarlijk. Zorg altijd voor detectie in de machinekamer en opslagruimtes. Tijdens de productie is water een vijand.

Als er water in de katalysator komt, gaat de boel defect. Als er water in de opslagtank komt, vermindert de brandbaarheid.

Dus: droog houden die handel. Ook de productie van waterstof is brandgevaarlijk. Vonkvorming is absolute taboe. Een andere fout is het verkeerd dimensioneren van de koeling.

De synthesestap geeft veel warmte af. Als je die niet afvoert, stopt de reactie of ontploft de boel.

Je hebt een goede heat-exchanger nodig die op zee kan werken (dus bestand tegen zout en rots), zeker als je overweegt je schip om te bouwen naar dual-fuel.

Verificatie-checklist

Voordat je de boel opstart of aflevert, loop je deze lijst na. Geen paniek, het is gewoon een kwestie van tellen en checken.

  • Stroom: Is de elektrolyser aangesloten op een stabiele 5-10 MW bron? Zijn de kabels goedgekeurd?
  • Waterkwaliteit: Is het water ontzout tot < 5 ppm zout? Is het gedroogd tot dauwpunt -40°C?
  • CO2 Kwaliteit: Is de CO2 vrij van zwavel en stikstof? Is de druk verhoogd naar >20 bar?
  • Reactor: Staat de temperatuur tussen 250-300°C? Is de druk stabiel rond 50-100 bar?
  • Output: Is de methanolzuiverheid 99,85%? Is het watergehalte minder dan 0,1%?
  • Veiligheid: Zijn alle leidingen lekvrij getest? Werken de methanol-detectoren? Is de opslagtank goedgekeurd voor offshore gebruik?