Wat is de 'Energy Efficiency Existing Ship Index' (EEXI)?

R
Redactie Jumboship
Redactie
Brandstoffen, Emissies & Duurzaamheid in de Offshore · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Stel je voor: je staat op het dek van een zware offshore-kraan, de wind waait over het dek en je kijkt naar een groot heavy-lift schip dat net een windturbine-fundatie aan het laden is. Je wilt dat deze klus efficiënt en duurzaam gebeurt, zonder dat je over tien jaar een dure boete krijgt. De EEXI is de maatstaf die hierbij helpt. Het is een eenvoudig idee met een groot effect op hoe we schepen bouwen, uitbaten en onderhouden.

Wat is de EEXI eigenlijk?

De Energy Efficiency Existing Ship Index (EEXI) is een internationale norm die meet hoe efficiënt een bestaand schip energie gebruikt. Het is een getal dat laat zien hoeveel brandstof het schip verbruikt per ton mijl, of breder: hoe goed het ontwerp is om minder CO2 uit te stoten.

Het is niet een dagelijkse operatiescore, maar een basislijn die aangeeft of je schip voldoet aan de minimumeisen voor energie-efficiëntie. De EEXI is een verplichte index voor bestaande schepen sinds 2023, onder de IMO-regelgeving. Het is vergelijkbaar met de EEDI (Energy Efficiency Design Index) voor nieuwe schepen, maar dan voor schepen die al varen.

Je meet de EEXI op basis van het ontwerp, de machinecapaciteit en de operationele limieten.

Voor heavy-lift en offshore-schepen is de EEXI extra relevant omdat deze vaak grote, energie-intensieve uitrustingen hebben. Denk aan zware kranen, DP-systemen en dynamische voortstuwing. De EEXI zorgt dat je deze energie-slurpers slimmer ontwerpt en beheert.

Waarom is dit belangrijk voor offshore en heavy-lift?

De offshore-industrie staat onder druk om emissies te verlagen. Opdrachtgevers zoals oliemaatschappijen en windparkontwikkelaars eisen steeds vaker EEXI-conforme schepen.

Als je schip niet voldoet, loop je het risico op contractverlies of extra kosten voor aanpassingen. De EEXI helpt je om brandstofkosten te drukken. Een schip dat efficiënter is, verbruikt minder bunkers.

Bij een heavy-lift schip dat 12.000 ton lading vervoert, kan een kleine verbetering in efficiëntie duizenden euros per reis schelen.

En dat telt op, zeker bij langere projecten. Er is ook de maatschappelijke kant. De offshore-sector krijgt meer aandacht voor duurzaamheid. Een EEXI-conform schip toont aan dat je investeert in een groenere toekomst. Dat is goed voor je reputatie en voor het binnenhalen van nieuwe projecten.

Hoe werkt de EEXI in de praktijk?

De EEXI wordt berekend op basis van drie hoofdelementen: het ontwerp van het schip, de machinecapaciteit en de operationele limieten. Je kijkt naar de maximale installatievermogen (in kW), de scheepsafmetingen (lengte, breedte, diepgang) en het type voortstuwing. Het resultaat is een getal dat aangeeft hoeveel CO2-equivalent per ton mijl wordt uitgestoten.

Voor heavy-lift schepen komt daar extra bij: de energie die nodig is voor kranen, stabilisatiesystemen en DP.

  • De maximale installatievermogen te beperken of te optimaliseren.
  • Voortstuwing efficiënter te maken (bijv. een beter schroefontwerp of een hybrid systeem).
  • Energiebesparende maatregelen te nemen, zoals een betere rompvorm of een energiebeheersysteem.

Deze systemen verhogen het totale vermogen en daarmee de EEXI-waarde. Je kunt de EEXI verbeteren door:

Elk schip moet een EEXI-certificaat hebben. Dat certificaat wordt afgegeven door een classificatieregister (bijvoorbeeld DNV, ABS, Lloyd’s Register). Het certificaat geldt voor 5 jaar, tenzij er grote wijzigingen aan het schip worden doorgevoerd.

De EEXI is een ontwerp-index, geen dagelijkse operatie-index. Maar je moet wel laten zien dat je het vermogen beheert.

Dat kan via een Ship Energy Efficiency Management Plan (SEEMP) en, voor sommige schepen, een Continuous Energy Efficiency Monitoring (CEEM) systeem.

Varianten, modellen en kostenindicaties

Er zijn verschillende manieren om je EEXI te verbeteren, afhankelijk van je schip en budget.

  1. Power limitation (vermogensbeperking): Je beperkt het maximale vermogen van je hoofdmotor. Dit is een relatief goedkope maatregel. Kosten: €5.000–€15.000 voor software-aanpassing en certificering. Bij een heavy-lift schip van 15.000 kW kan een beperking van 10% het EEXI-getal aanzienlijk verbeteren.
  2. Hybride voortstuwing (diesel-elektrisch): Je voegt een elektromotor en batterijen toe voor lagere snelheden of DP-operaties. Kosten: €500.000–€2.000.000, afhankelijk van de capaciteit. Voor een DP2 heavy-lift schip kan een batterijpakket van 2–4 MWh helpen om piekbelasting te verminderen.
  3. Schroef- en rompoptimalisatie: Een nieuwe schroef of bulbsteven kan de efficiëntie met 5–10% verbeteren. Kosten: €100.000–€300.000 voor een retrofit. Bij een schip van 150 meter lengte kan dit jaarlijks €30.000–€60.000 aan brandstof besparen.
  4. Energiesparende uitrusting: Voeg energiebeheersystemen toe, zoals een geavanceerd DP-systeem dat motoren selectief inschakelt. Kosten: €50.000–€150.000. Dit verlaagt het brandstofverbruik tijdens stationair werk.
  5. Alternative brandstoffen (LNG, methanol): Voor nieuwe schepen of grote retrofits. Kosten: €2.000.000–€10.000.000, inclusief tankinstallatie en veiligheidsvoorzieningen. Dit verbetert de EEXI indirect door lagere CO2-uitstoot per brandstof.

Hieronder een overzicht van praktische opties voor heavy-lift en offshore-schepen, met prijsindicaties in euro’s. Prijzen zijn indicatief en kunnen variëren per schip, regio en leverancier. Voor een typisch heavy-lift schip van 150–180 meter en een kraancapaciteit van 1.000–2.000 ton, is een combinatie van power limitation en een hybride systeem vaak de meest kostenefficiënte aanpak. De totale investering kan tussen €200.000 en €1.500.000 liggen, met een terugverdientijd van 3–7 jaar, afhankelijk van de operationele uren en brandstofprijzen.

Let op: de exacte kosten hangen af van je huidige configuratie, de classificatieregels en de beschikbaarheid van componenten. Vraag altijd een offerte aan bij een gespecialiseerde maritieme engineeringspartner, of bekijk de beste leveranciers van zonnepanelen voor maritiem gebruik, zoals Huisman, MacGregor of een lokale offshore-uitrustingsleverancier.

Praktische tips voor heavy-lift en offshore-schepen

Start met een EEXI-berekening voor je huidige vloot. Je kunt dit laten doen door een classificatieregister of een gespecialiseerd engineeringbureau. De berekening kost ongeveer €2.000–€5.000 per schip, afhankelijk van de complexiteit.

Kies maatregelen die passen bij je operatie. Als je vooral werkt in offshore wind, waar DP-operaties dominant zijn, investeer dan in een hybride DP-systeem.

Als je lange transporten doet, focus op vermogensbeperking en schroefoptimalisatie. Documenteer alles. Zorg dat je EEXI-certificaat, SEEMP en eventuele CEEM-systemen up-to-date zijn.

Dit helpt bij audits en bij het aantonen van compliance aan opdrachtgevers. Houd rekening met toekomstige regelgeving. De IMO werkt aan strengere emissiedoelen voor 2030 en 2050.

Nu investeren in EEXI-verbeteringen beschermt je tegen toekomstige kosten en beperkingen. Sluit aan bij je netwerk.

Praat met andere operators in de heavy-lift en offshore-sector, bijvoorbeeld via brancheverenigingen als IADC of NOGEPA. Deel ervaringen over welke maatregelen het beste werken en welke leveranciers betrouwbaar zijn.

Aan de slag: je volgende stap

De EEXI is geen lastige hindernis, maar een hulpmiddel om je schip slimmer en duurzamer te maken.

Begin met een simpele berekening, kies een of twee maatregelen die bij je passen en zorg voor een goed certificeringsproces. Je zult merken dat efficiëntie niet alleen goed is voor het milieu, maar ook voor je portemonnee. Neem contact op met een classificatieregister of een offshore-engineeringspartner om je EEXI te laten berekenen.

“Efficiëntie is geen kostenpost, het is een investering in je toekomst.”

Vraag naar een offerte voor power limitation, hybride systemen of schroefoptimalisatie met een Energy Saving Device. En vergeet niet: een EEXI-conform schip is een sterk verkoopargument in de huidige markt. Met deze aanpak ben je klaar voor de komende jaren en laat je zien dat je als heavy-lift of offshore-operator voorop loopt in duurzaamheid.