Wat is 'Air Lubrication' en hoe bespaart het brandstof?

R
Redactie Jumboship
Redactie
Scheepsbouw, Innovatie & Toekomst · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Stel je voor: je vaart met een zwaar transportschip, laden met een 500-tons offshore-kraan, en je ziet de brandstofmeter sneller lopen dan je wilt.

Dan is Air Lubrication jouw nieuwe vriend. Dit systeem pompt lucht onder de romp en creëert een kussen van belletjes dat wrijving vermindert. Het resultaat? Minder brandstof, meer lading, en een groenere voetafdruk zonder ingewikkelde poespas.

Wat is Air Lubrication eigenlijk?

Air Lubrication, ook wel luchtkussensysteem genoemd, is een techniek die luchtblaasjes onder de romp legt. Die belletjes vormen een dunne laag lucht tussen water en staal.

De wrijving daalt, de weerstand neemt af, en je motor hoeft minder hard te werken. In de praktijk zie je dit bij heavy-lift schepen, offshore bevoorraders en grote transporters. Denk aan merken als Silverstream, Airseas of Hamworthy.

Die leveren systemen die specifiek zijn afgestemd op diepgaande rompen en zware lading.

Een typische set-up bestaat uit compressoren, leidingen en straalmonden onder de romp. De installatie is vaak al mogelijk op bestaande schepen, zonder grote rompwijzigingen. Veel schepen in de offshore-wereld draaien op zware stookolie (HFO) of marine gasoil (MGO). Air Lubrication werkt bij beide, maar het effect verschilt.

Bij HFO is de brandstofwinst vaak 5–10 procent, bij MGO 3–8 procent. De exacte winst hangt af van snelheid, belading en zeegang, waarbij ook de keuze voor alternatieve brandstoffen een rol speelt.

Hoe het werkt: stap-voor-stap

Benodigdheden en voorwaarden

  • Een schip met een vlakke of licht gebogen romp onder water, geschikt voor straalmonden.
  • Compressorcapaciteit: 2–6 bar, afhankelijk van het systeem (bijvoorbeeld Silverstream Ecostream of Airseas Seawing).
  • Leidingwerk van roestvrij staal (RVS 316L), diameter 50–100 mm, lengte afhankelijk van schiplengte.
  • Straalmonden: 10–20 stuks, geplaatst over 30–60% van de romplengte, 0,5–1,5 meter onder de waterlijn.
  • Besturingssysteem met sensoren voor druk, stroom en brandstofverbruik.
  • Budget: installatie circa €150.000–€500.000, afhankelijk van schipgrootte en systeemkeuze.
  • Capaciteit compressor: 50–200 kW, afhankelijk van schiplengte en gewenste luchtstroom.
  • Keuringen: classificatie door DNV, Lloyd’s of ABS, en IMO-voorschriften voor emissies.

Stap 1: inspectie en meting

  1. Meet de rompvorm onder water met duikers of een ROV. Doe dit bij een diepgang van 8–12 meter, afhankelijk van je schip.
  2. Check de bestaande leidingen en ruimte voor compressoren. Minimaal 2 m² vrije ruimte voor een compressorunit.
  3. Voer een weerstandsanalyse uit met je stabiliteitssoftware. Verwacht 3–8% minder weerstand bij 12–15 knopen.
  4. Plan de locatie van de straalmonden: start 10% van de romplengte achter de boeg, eindig op 60–70%.
  5. Tijd: 1–2 dagen voor metingen en analyse, afhankelijk van beschikbaarheid duikers/ROV.
  6. Veelgemaakte fout: te weinig rekening houden met zeegang en belading. Doe metingen bij verschillende ladingcondities.

Stap 2: ontwerp en materiaalkeuze

  1. Kies een systeem dat past bij je operatie: Silverstream voor efficiëntie bij lage snelheden, Airseas voor automatisering op lange routes.
  2. Selecteer RVS 316L leidingen met diameter 75 mm voor schepen van 100–150 meter lengte.
  3. Bepaal het aantal straalmonden: 12–18 stuks voor een schip van 120 meter, 20–30 voor 180 meter.
  4. Reken de compressorcapaciteit: 100 kW voor 120 m schip, 180 kW voor 180 m schip, bij 12 knopen.
  5. Tijd: 2–3 dagen voor ontwerp, plus 1 week voor levering materialen.
  6. Veelgemaakte fout: te kleine compressor kiezen. Meet de luchtbehoefte bij maximale snelheid en belading.

Stap 3: installatie op het schip

  1. Monteer de compressor in het machinekamerdek, goed bereikbaar voor onderhoud.
  2. Leg de leidingen langs de romp, met steunen elke 1–1,5 meter. Gebruik RVS-klemmen en trillingsdempers.
  3. Boor gaten voor straalmonden op 0,8–1,2 meter onder de waterlijn, schuin naar beneden (10–15 graden).
  4. Sluit het besturingssysteem aan op het brandstofmonitoringsysteem en de brug.
  5. Tijd: 5–10 dagen, afhankelijk van scheepsbeschikbaarheid en laswerk.
  6. Veelgemaakte fout: verkeerde hoek van monden, waardoor lucht niet onder de romp blijft. Controleer met een duiker na installatie.

Stap 4: inbedrijfstelling en testen

  1. Start de compressor bij lage snelheid (5 knopen) en meet de luchtdruk: 2–4 bar is gebruikelijk.
  2. Vaak een testtraject van 20–50 zeemijl bij verschillende snelheden (8, 12, 15 knopen).
  3. Meet brandstofverbruik met je bestaande flowmeters en vergelijk met een referentietrip zonder Air Lubrication.
  4. Stel de besturing in: automatische drukregeling bij 12–15 knopen, handmatig bij lage snelheid.
  5. Tijd: 2–4 dagen testen, plus 1 dag analyse.
  6. Veelgemaakte fout: testen alleen bij ideale omstandigheden. Doe ook metingen bij lichte zeegang en volle belading.

Stap 5: operatie en onderhoud

  1. Gebruik het systeem dagelijks vanaf 8 knopen. Bij lage snelheid is het effect beperkt.
  2. Onderhoud: elke 3 maanden inspectie van monden en leidingen, elke 12 maanden compressor-service.
  3. Kosten onderhoud: €5.000–€15.000 per jaar, afhankelijk van gebruik en slijtage.
  4. Monitor brandstofwinst met je PMS (Performance Monitoring System). Verwacht 5–10% besparing op lange routes.
  5. Tijd: wekelijks 1 uur monitoring, maandelijks 4 uur inspectie.
  6. Veelgemaakte fout: vergeten de monden schoon te houden. Zeewier en aanslag verminderen het effect sterk.

Stap 6: verificatie en optimalisatie

  1. Voer een nulmeting uit na 3 maanden operatie: brandstofverbruik per zeemijl bij 12 knopen.
  2. Vergelijk met referentietrips en pas de druk en aantal monden aan indien nodig.
  3. Check de klantdata: offshore-opdrachtgevers waarderen een lagere CO2-voetafdruk.
  4. Documenteer voor classificatie en IMO MRV-rapportage.
  5. Tijd: 1–2 dagen analyserapport, herhalen elke 6 maanden.
  6. Veelgemaakte fout: alleen naar brandstof kijken. Neem ook reductie van CO2 en NOx mee.

Praktische cijfers en voorbeelden uit de niche

Een heavy-lift schip van 150 meter lengte en 12 meter diepgang installeerde een Silverstream-systeem. Terwijl de sector kijkt naar de opkomst van zeil-geassisteerde voortstuwing voor vrachtschepen, leverde de compressor hier 150 kW en zaten de straalmonden op 0,9 meter onder water. Bij 12 knopen en volle lading daalde het brandstofverbruik met 7 procent.

Dat bespaarde circa 120.000 liter MGO per jaar, oftewel €120.000–€180.000 bij een prijs van €1,00–€1,50 per liter.

Een offshore bevoorradingsschip van 100 meter met een Airseas Seawing-systeem rapporteerde 5 procent winst bij 10 knopen. De investering was €200.000, terugverdientijd ongeveer 2 jaar bij intensief gebruik.

Voor heavy-lift operaties met lage snelheid (8–10 knopen) is de winst iets lager, maar de cumulatieve besparing over een jaar blijft aanzienlijk. Voor schepen die werken met HFO is de besparing vaak groter dan met MGO, omdat de motor efficiënter draait bij lagere weerstand. Bij een 180-meter schip met HFO-motor kan de besparing oplopen tot 10 procent, afhankelijk van de rompvorm en het onderwaterprofiel.

Veelgestelde vragen en valkuilen

Werkt Air Lubrication altijd? Nee. Bij zeer lage snelheden (minder dan 6 knopen) is het effect beperkt.

Bij zware zeegang kan de luchtlaag tijdelijk verstoren, maar de gemiddelde winst blijft positief. Is het systeem veilig voor de romp? Ja, als het correct is geïnstalleerd. Gebruik RVS 316L en laat de gaten door een gecertificeerde lasser uitvoeren. Regelmatige inspectie voorkomt corrosie. Hoeveel onderhoud vraagt het? Een basisservice kost €5.000–€15.000 per jaar.

De compressor heeft elke 12 maanden een beurt nodig, de monden elke 3 maanden een controle. Kan ik het retrofitten op een bestaand schip? Absoluut.

Veel heavy-lift en offshore schepen krijgen het systeem achteraf. De installatie duurt 5–10 dagen, afhankelijk van de beschikbaarheid van het schip. Hoeveel bespaar ik echt? Bij 12 knopen en volle lading 5–10 procent brandstof, afhankelijk van schipgrootte en rompvorm. Benieuwd hoeveel brandstof een schip kan besparen met een Flettner rotor? Bij een jaarlijkse brandstofrekening van €1 miljoen betekent dat €50.000–€100.000 besparing.

Verificatie-checklist

  • Inspectie en metingen uitgevoerd bij verschillende diepgangen en belading.
  • Systeem gekozen dat past bij je operatie (Silverstream, Airseas of vergelijkbaar).
  • Compressor en leidingen correct gedimensioneerd (2–6 bar, 50–200 kW).
  • Straalmonden geplaatst op 0,5–1,5 meter onder water, over 30–60% van de romplengte.
  • Testritten gedaan bij 8, 12 en 15 knopen, met brandstofmeting en vergelijking.
  • Onderhoudsplan opgesteld: inspectie elke 3 maanden, compressor-service elke 12 maanden.
  • Resultaten gedocumenteerd voor classificatie en IMO-rapportage.
  • Terugverdientijd berekend: doel 1–3 jaar bij intensief gebruik.