Innovatieve features voor een nieuw te bouwen WTIV

R
Redactie Jumboship
Redactie
Scheepsbouw, Innovatie & Toekomst · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Stel je voor: je staat op het dek van een gloednieuwe Wind Turbine Installation Vessel (WTIV), terwijl de golven tegen de romp slaan. Boven je torent een torenhoge giek uit, klaar om een blad van 100 meter lengte op te tillen.

Dit schip is meer dan een boot; het is een drijvende fabriek die de toekomst van energie bouwt. De nieuwste generatie WTIV's zit vol slimme features die het werk sneller, veiliger en schoner maken. Laten we eens kijken hoe zo’n schip eruitziet en wat er nieuw is.

Wat is een WTIV en waarom is innovatie nodig?

Een Wind Turbine Installation Vessel, of WTIV, is een gespecialiseerd schip dat windturbines op zee installeert. Denk aan de fundering, de toren, de nacelle (het gondelhuis) en de bladen.

Dit gebeurt vaak op diepten van 30 tot 50 meter en in ruwe omstandigheden.

De markt groeit hard. Windparken worden groter en verder van de kust gebouwd. Turbinefabrikanten zoals Vestas, Siemens Gamesa en GE bouwen bladen die nu al 120 meter lang zijn.

Daarom moet een nieuw WTIV meer kunnen tillen, preciezer werken en minder uitstoten. Traditionele installatieschepen waren beperkt.

Ze konden maar één of twee turbines per reis plaatsen en moesten vaak terug naar de haven. Moderne WTIV’s zijn ontworpen voor ‘next-generation’ turbines en bieden ruimte voor 4 tot 6 sets in één keer.

De kern: innovatieve features voor een nieuw te bouwen WTIV

Als je vandaag een nieuw WTIV bouwt, wil je de beste features aan boord.

1. Hybride aandrijf- en positioneringssysteem

Deze verhogen de efficiëntie en verlagen de kosten per turbine. Hier zijn de belangrijkste innovaties, gebaseerd op de huidige topmodellen van scheepswerven als DEME, Jan De Nul en het Chinese CMHI. Een WTIV moet stabiel blijven liggen tijdens installaties. Dat doet het met DP2- of DP3-positionering (Dynamic Positioning).

Nieuwe schepen gebruiken hybride systemen: combineer dieselgeneratoren met battery packs en groene stroom via een kabel van het windpark. Voorbeeld: Het schip ‘Voltaire’ van DEME heeft een lithium-ion batterijpakket van 2.000 kWh.

Dit dempt pieken en vermindert brandstofverbruik met 15-20%. Tijdens installatie draaien de generators op een laag toerental, en de batterijen springen bij bij hoge belasting.

2. Giek met ‘monopile handler’ en zware hijscapaciteit

Prijsindicatie: Een hybride aandrijfsysteem kost ongeveer €8-12 miljoen extra op een schip van €250-300 miljoen. Maar de brandstofbesparing is €500.000-€1 miljoen per jaar, afhankelijk van de operatie. De giek is het hart van de WTIV.

Nieuwe schepen hebben een giek die 1.500 tot 2.500 ton kan tillen. Voor monopiles (funderingspalen) van 80-100 meter lengte is een speciale ‘monopile handler’ nodig.

Dit is een tweede giek of een kantelbare steun die de paal horizontaal vasthoudt en langzaam rechtop zet. Het schip ‘Les Alizés’ van Jan De Nul heeft een giek van 5.000 ton hefvermogen en een aparte handler voor palen tot 100 meter diameter. Dit maakt het mogelijk om in één keer een complete fundering te plaatsen zonder tussenkomst van een tweede kraanschip.

3. Automatisering en remote monitoring

Prijsindicatie: Een giek-systeem met monopile handler kost €20-30 miljoen. De totale bouwkosten van een nieuw WTIV liggen tussen €250 en €350 miljoen, afhankelijk van de capaciteit.

Veel handmatige taken worden geautomatiseerd. Denk aan het vastklemmen van bladen met robotarmen of het afstellen van de giek via sensoren.

Nieuwe WTIV’s hebben een ‘digital twin’ – een virtueel model van het schip dat in real-time data ontvangt, ontwikkeld door de top 5 meest innovatieve rederijen ter wereld.

4. Lageropslag en logistiek op dek

Met dit systeem kan een operator op afstand zien hoeveel gewicht er op welk punt ligt, en hoe de stabiliteit verandert. Dit vermindert fouten en versnelt de installatie met 10-15%. Investering: €2-5 miljoen voor geavanceerde software en sensoren. De return is een snellere doorlooptijd: een dag minder op zee bespaart €50.000-€100.000 aan operationele kosten.

Een nieuw WTIV moet tot 6 turbine-sets meenemen. Dat betekent ruimte voor torens in secties, nacelles en bladen.

Slimme dekindeling met rail-systemen en zware rollers zorgt voor soepel verplaatsen van lading zonder kranen.

5. Groene brandstof en emissiereductie

De ‘Sea Installer’ van DEME heeft een dekoppervlakte van 5.000 m² en een draagvermogen van 8.000 ton. Bladen worden horizontaal opgeslagen en rechtop gezet met een ‘blade presenter’ – een hydraulisch systeem dat de bladen veilig draait. Prijsindicatie: Dekaanpassingen en logistieke systemen kosten €5-10 miljoen.

Dit verlaagt de kostprijs per turbine met €20.000-€30.000 door minder hefwerktuigen aan boord. De offshore-industrie moet CO₂-neutraal worden.

Nieuwe WTIV’s zijn ‘methanol-ready’ of ontworpen voor ammoniak. Ook scrubbers en selectieve katalytische reductie (SCR) verlagen stikstofoxide-uitstoot. Stel je bouwt een WTIV voor €300 miljoen.

Je kunt kiezen voor een standaard dieselaandrijving of ontdek hoe een schip future-proof wordt ontworpen voor nieuwe brandstoffen.

Methanol-dual-fuel motoren van MAN of Wärtsilä kosten 15-20% meer, maar voldoen aan IMO 2030-regels zonder retrofits. Prijsindicatie: Methanol-systeem + opslagtanks: €15-25 miljoen extra. Maar je bespaart op emissieheffingen en krijgt toegang tot groene contracten, wat €1-2 miljoen per jaar oplevert.

Verschillende modellen en hun prijskaartje

Er zijn verschillende typen WTIV’s, afhankelijk van de diepte en turbinegrootte. Hieronder drie populaire configuraties met indicatieve prijzen (2024-niveaus, exclusief opties).

  1. Mid-size WTIV (tot 10 MW turbines, 30-40 m diepte): Kosten €180-220 miljoen. Voorbeelden: ‘Sea Installer’ (DEME) of ‘Pacific Orca’ (Swire). Geschikt voor Europese kustparken. Capaciteit: 3-4 turbines per reis.
  2. Next-gen WTIV (12-15 MW turbines, 50 m diepte): Kosten €250-300 miljoen. Voorbeelden: ‘Voltaire’ (DEME) of ‘Charybdis’ (Van Oord). Giek 1.500-2.000 ton, DP3-systeem, hybride aandrijving.
  3. Ultra-heavy lift WTIV (15+ MW turbines, diep water): Kosten €300-350 miljoen. Voorbeelden: ‘Les Alizés’ (Jan De Nul) of ‘Orion’ (Jan De Nul). Giek 5.000 ton, ruimte voor 6+ turbines, methanol-ready.

Let op: prijzen variëren door materiaaltekorten en wisselkoersen. Benieuwd naar wat de bouw van een modern heavy-lift schip kost? Een nieuw schip bouwen duurt 24-36 maanden. Lease-opties zijn beschikbaar via partijen als Acteon of Seaway7, met maandelijkse tarieven van €1-2 miljoen.

Praktische tips voor je nieuwe WTIV

Als je betrokken bent bij de bouw of aankoop van een WTIV, focus op deze punten om maximaal rendement te halen. Een nieuw WTIV bouwen is een grote investering, maar met de juiste features wordt het een winstgevend en duurzaam schip. Denk vooruit, kies voor innovatie en je vaart straks met de beste in de markt.

  • Kies voor modulaire systemen: Zorg dat je giek en dek later kunt upgraden voor grotere turbines. Dit voorkomt dat je schip na 10 jaar verouderd is.
  • Investeer in training: Een DP3-systeem vereist gecertificeerde bemanning. Budget €100.000-€200.000 per jaar voor opleiding en simulatoren.
  • Test in simulatie: Gebruik digitale twins om operaties te oefenen voordat het schip te water gaat. Dit bespaart weken aan downtime.
  • Houd rekening met logistiek: Plan de route naar het windpark. Een WTIV met 8.000 ton lading vaart langzamer (8-10 knopen). Snelheid kost brandstof, maar tijd is geld.
  • Vraag om garanties: Fabrikanten zoals Huisman of MacGregor bieden 5-10 jaar garantie op hijssystemen. Dat verlaagt onderhoudskosten op lange termijn.