Hoe vervoer je 30 windturbinebladen tegelijk op één schip?

R
Redactie Jumboship
Redactie
Offshore Windpark Installatie & Logistiek · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Een klus van jewelste, hè? Dertig windturbinebladen tegelijkertijd vervoeren.

Dat is niet zomaar even een paar keer heen en weer varen. Nee, dat is een complex logistiek ballet op zee. Je wilt natuurlijk niet dat er eentje overboord gaat of dat je schip kapseist.

Dus, hoe pak je dat aan? Laten we even rustig de tijd nemen om dit uit te pluizen, stap voor stap.

Alsof we aan de keukentafel zitten met een bak koffie en een tekening.

Wat heb je nodig voordat je begint?

Allereerst, het juiste schip. Je kunt dit niet doen met een standaard vrachtschip.

Je hebt een zogenaamde Heavy Lift Vessel (HLV) nodig. Denk aan schepen als de Volador of de Sea Installer.

Deze schepen hebben een enorm dek, vaak wel 5000 tot 12.000 vierkante meter. Dat is ongeveer de grootte van een voetbalveld. Op dat dek moeten de bladen stabiel liggen.

Daarvoor zijn speciale blade cradles nodig. Dit zijn stalen steunen die precies vorm zijn naar het blad. Je hebt er minimaal 30 van nodig, natuurlijk. Elk van die steunen weegt ongeveer 15 ton.

Vergeet ook de uitrusting niet: een grote boordkraan van minimaal 100 ton hijscapaciteit, stuwage materiaal (touwen, spanbanden, kettingen) en een ervaren crew.

De totale investering voor zo’n operatie? Zit je al snel aan €200.000 tot €500.000, afhankelijk van de afstand en de duur.

Een ander cruciaal element is het stuwage plan. Dit is een gedetailleerde tekening van hoe de bladen op het dek komen te liggen. Elk blad is ongeveer 80 tot 100 meter lang en weegt 30 tot 50 ton.

Je kunt ze niet zomaar neerleggen. De verdeling van het gewicht is levensbelangrijk.

Een verkeerde verdeling kan het schip onstabiel maken. Dit plan wordt gemaakt door een loading master en goedgekeurd door de kapitein. Zonder dit plan vaar je niet weg.

Stap 1: De voorbereiding op de kade

Voordat het schip arriveert, begint het werk op de kade. De bladen komen aan per vrachtwagen of trein.

Ze liggen dan al in hun eigen, speciale transportrekken. De eerste stap is het inspecteren.

Elk blad wordt nagelopen op krassen, deuken of andere schade. Dit noem je een pre-load survey. Als er iets mis is, moet dat direct gedocumenteerd worden.

Dit voorkomt later gedoe met verzekeringen. De gemiddelde inspectie duurt zo’n 20 minuten per blad.

Daarna begint het sjorren. De bladen moeten van de vrachtwagen af en richting de kraan. Dit gebeurt met een speciale portale kraan of een straddle carrier. De bladen worden vastgezet met spanbanden van minimaal 10 ton breeksterkte.

Veelgemaakte fout hier: te strak aantrekken waardoor het blad beschadigd raakt, of te los waardoor het gaat schuiven. Een precies werkje.

De hele operatie op de kade duurt al gauw een volle dag voor 30 bladen.

Stap 2: Het inschepen met de boordkraan

Het schip ligt veilig naast de kade. Nu begint het echte werk.

De boordkraan van het HLV tilt de bladen een voor een van de kade af. Een ervaren kraanmachinist is hier onmisbaar.

De bladen wegen soms wel 50 ton, en je hangt aan een kabel van 80 meter. De wind speelt parten. Bij windkracht 6 of meer wordt de operatie vaak stilgelegd. De lifting slings (touwen) worden zorgvuldig om het blad gelegd, op de juiste plekken om te voorkomen dat het blad buigt, voordat men een drijvende windturbine versleept naar de offshore locatie.

Eenmaal boven het dek wordt het blad langzaam neergelaten op de blade cradle.

Dit is een precisiewerkje van de tallyman en de slinger. Zij geven aanwijzingen aan de kraanmachinist. Zodra het blad rust op de steun, wordt het direct vastgezet.

Dit gebeurt met zware kettingen en spanners. De hellingshoek is hier belangrijk.

Een blad staat nooit horizontaal; het staat onder een hoek van ongeveer 15 graden om de luchtweerstand te minimaliseren en het gewicht goed te verdelen.

De tijd per blad hangt af van de afstand, maar reken op minimaal 45 minuten tot een uur per stuk.

Stap 3: De juiste volgorde en stapeling

Je kunt niet zomaar lukraak bladen neerleggen. De volgorde is cruciaal. De bladen die als eerste nodig zijn op de installatielocatie, moeten als laatste geladen worden.

Dit heet last-in, first-out (LIFO) logistiek. Op een schip met 30 bladen betekent dit dat de bladen voor de buitenste turbinepalen vaak onderop of achterin het schip komen te liggen.

De loading master houdt hier een speciale ladinglijst bij. Stapelen is vaak geen optie.

Windturbinebladen zijn te kwetsbaar om op elkaar te leggen. Ontdek hoe je 50 windturbinebladen op één schip vervoert; ze liggen allemaal naast elkaar op het dek, in rijen. Tussen de bladen zit een vaste afstand, meestal ongeveer 2 tot 3 meter, om schade te voorkomen en om de crew de ruimte te geven om te werken. De totale breedte van de lading kan hierdoor makkelijk oplopen tot 40 meter.

De kapitein moet er rekening mee houden dat het schip door smalle vaargeulen moet.

Dit is een reden waarom sommige routes niet mogelijk zijn.

Stap 4: Zekeren en het "lashing certificaat"

Als alle 30 bladen op het dek staan, is het tijd voor het zwaarste (en belangrijkste) werk: het vastzetten. Dit is niet zomaar een touwtje eraan.

Er wordt een lashing plan uitgevoerd. Elk blad wordt aan beide kanten vastgezet met zware lashing kettingen (type 50 of 63) en turnbuckles (spanners). De kracht die op elk punt moet worden gezet, wordt berekend door software.

Reken op minimaal 8 tot 12 bevestigingspunten per blad. De uitvoerder van de lashing crew controleert alles.

Na het vastzetten wordt de spanning op de kettingen gemeten met een load cell. De spanning moet binnen bepaalde marges vallen. Te strak? Het blad kan breken. Te los? Het schuift bij de eerste de beste golf.

Na de controle wordt het lashing certificaat getekend. Dit document is je verzekering dat de lading veilig is.

Zonder dit certificaat mag het schip de haven niet uit. De zekeringsoperatie duurt al snel 12 tot 18 uur met een volledige crew.

Stap 5: De reis en het transport

Nu is het zover: het schip vaart. De kapitein en de loading master hebben een speciale zeekaart gemaakt.

Hierop staan de weging (het pad dat ze varen) en de verwachte weersomstandigheden.

De Heavy Lift Vessels zijn stabiel, maar bij zware golven (meer dan 3 meter) kunnen de bladen extra belast worden. De bemanning doet regelmatig inspectierondes op het dek. Ze kijken of de kettingen niet slap worden of dat er roest ontstaat.

De gemiddelde vaartijd voor zo’n operatie hangt enorm af van de locatie. Benieuwd naar hoeveel windturbines een schip als de Voltaire kan meenemen?

Een offshore windpark op 50 kilometer uit de kust van Nederland is in een dag te bereiken. Een project in de Zuid-Chinese Zee kan weken duren. Tijdens de reis is het zaak om de snelheid aan te passen aan de golven. Snelheid is geld, maar veiligheid is belangrijker. Een ongeluk met 30 bladen tegelijk is een ramp van jewelste.

Verificatie-checklist

Voordat je het groene licht geeft, loop je deze lijst na. Alles goed? Dan kun je vertrekken.

  • Stuwage plan: Is het goedgekeurd door de loading master en de kapitein? Is het gewicht correct verdeeld?
  • Blade inspectie: Zijn alle 30 bladen gecontroleerd op schade en is dit gedocumenteerd?
  • Kracht van de kranen: Is de boordkraan geschikt voor het zwaarste blad (minimaal 50 ton)?
  • Lashing certificaat: Is elk blad vastgezet volgens het plan? Is de spanning op alle kettingen gemeten en goedgekeurd?
  • Weersvoorspelling: Zijn de weersomstandigheden voor de komende 48 uur veilig? (Windkracht < 6, golfhoogte < 3 meter)
  • Documenten: Zijn het zekeringscertificaat, de zeewaardigheidsverklaring en de ladinglijst aan boord?