BIMCO contracten: Heavycon vs. Towcon
Een zware kraan van 800 ton die van Rotterdam naar Houston moet, of een compleet productieplatform dat van Noorwegen naar Schotland wordt gesleept. Je kunt niet even snel een standaardcontractje tekenen.
Dan sta je stil. Of erger: je tekent iets wat je op onverwachte momenten duizenden euros per dag kost.
BIMCO heeft speciaal voor heavy-lift en transport de Heavycon en de Towcon in de markt gezet. Beiden zijn goud waard, maar ze zijn totaal anders. Het gaat niet om een betere of slechtere keuze, maar om de juiste keuze voor jouw specifieke klus.
Heavycon: de lift is het hoofdnummer
Denk aan Heavycon als je iets op een schip moet laden, het daar een tijdje moet blijven en je het ook weer veilig moet lossen.
Dit is het contract voor projectladingen en zware lift. Je spreekt af dat de rederij een specifieke lading (een generator, een module, een turbine) op een bepaalde plek aan boord neemt, vastzet en vervoert. De verantwoordelijkheid voor het laden en lossen ligt vaak bij de rederij, of in ieder geval is het in het contract strak geregeld wie wanneer wat doet.
Stel je voor: je hebt een Main Crane van 1.200 ton capaciteit nodig op een DP2-schip als de Swan of de Blue Marlin. Met Heavycon leg je exact vast welke lifting gear ze gebruiken, hoe de stuwage wordt berekend en wat de eisen zijn aan het dek.
Je betaalt een vaste prijs per ton, vaak tussen de €150 en €400 per ton, afhankelijk van de route, de markt en de complexiteit.
De kracht van Heavycon zit 'm in de details rond de lading. Je regelt er de inspectie van het dek, de stabiliteitsberekeningen en de vergoedingen voor extra werkzaamheden als het laden langer duurt dan gepland. Het is een contract dat volledig draait om het moment dat de lading het dek raakt en het moment dat het er weer afgaat.
Towcon: het slepen is het doel
Towcon is iets heel anders. Hier gaat het om het slepen van een object van A naar B.
De 'lading' is vaak een schip dat niet meer kan varen, een drijvend dok of een offshore constructie die je van het ene veld naar het andere brengt. Je contracteert een sleepboot of een heavylift schip met sleepmogelijkheden voor de sleepreis zelf.
Je betaalt hier voor de sleepreis, niet per ton lading. De prijs hangt af van de afstand, de gewenste snelheid en de weersomstandigheden. Een sleepreis van Rotterdam naar het Verenigd Koninkrijk (zo'n 200 mijl) kan met een kleine €100.000 tot €250.000 geregeld zijn, terwijl een trans-Atlantische sleep van een half platform zo maar €1 tot €2 miljoen kan kosten. In Towcon staan termen als 'hire' (huur van het schip), 'speed consumption' (snelheid en brandstofverbruik) en 'off-hire' centraal.
Als het schip door storm stil moet liggen, betaal je meestal niet.
Dat is een cruciaal verschil met Heavycon, waar de tijd voor laden en lossen vaak vaststaat.
De vergelijking: 5 concrete criteria
Het gaat niet om een onderbuikgevoel, maar om de harde cijfers en risico's.
1. Prijsstructuur
Hieronder de vijf criteria die je beslissing sturen. Bij het werken met Heavycon is het essentieel om juridische valkuilen bij het opstellen van een Heavycon contract te vermijden, aangezien dit vaak gebaseerd is op een 'lump sum' of een prijs per ton.
Je weet vooraf wat je betaalt voor de lift en het vervoer. Bijvoorbeeld €250.000 voor het vervoer van een 500-ton generator van Antwerpen naar Teesside. Towcon werkt met een dagtarief (hire). Stel: €45.000 per dag voor een DP2 heavylift schip inclusief bemanning.
2. Risico op vertraging
De totale rekening hangt af van de duur van de sleep. Als de sleep 12 dagen duurt, ben je €540.000 kwijt.
Als het tegenvalt en het 18 dagen duurt, zit je op €810.000. Bij Heavycon is het grootste risico het laden en lossen. Als de kraanman van de rederij een dag traag is, of als het weer omslaat en de lift niet door kan gaan, loop je vertraging op.
3. Gebruiksgemak en standaardisatie
De 'laytime' (vrije laadtijd) is vaak beperkt. Daarna betaal je 'demurrage' (vergoeding voor overtijd), wat kan oplopen tot €15.000 per dag.
Bij Towcon is het grootste risico de zee en het weer. Storm kan de sleep stilleggen.
In Towcon is dat vaak 'off-hire'. Je betaalt dan niet voor de dagen dat het schip stil ligt door noodweer. Je loopt wel vertraging op in je planning, maar je portemonnee wordt minder geraakt tijdens die stilstand.
Heavycon is superstrak. Het is een 'set and forget' contract als je weet wat je wilt laden.
4. Verantwoordelijkheid en Verzekering
De meeste grote heavylift rederijen (bijvoorbeeld BBC, BigLift, AAL) gebruiken de Heavycon 2012 variant.
Als je die eenmaal hebt geleerd, ken je ze allemaal. Towcon is complexer. Het vereist veel communicatie over de exacte route, de te verwachten stroming en de 'bunkeradjustment' (brandstofcompensatie).
Je moet echt weten wat je doet bij het invullen van de 'Notice of Readiness'. Heavycon legt de nadruk op de 'seaworthiness' van het dek en de juiste stuwage, waarbij toezicht door classificatiebureaus essentieel is. De rederij is verantwoordelijk voor het correct vastzetten van jouw lading. Als jouw 800-ton turbine door het dek breekt omdat de stuwage verkeerd was, is dat hun probleem (mits je alle info hebt gegeven).
Towcon legt de nadruk op de zeewaardigheid van het sleepschip en de sleepverbinding.
5. Kosten op termijn (Total Cost of Ownership)
De 'tow' (het gesleepte object) moet zeewaardig zijn. De verzekering is vaak lastiger: wie is aansprakelijk als de sleepkabel breekt en het object tegen een windturbine aanvaart? Heavycon heeft weinig verborgen kosten.
De prijs is all-in, tenzij jij zelf de lading te laat aanlevert. Towcon kan duurder uitvallen door 'bunker surcharges'.
Als de olieprijs ineens stijgt tijdens de reis, kan de rederij een extra fee rekenen.
Ook 'deviation costs' (omvaren vanwege weer) kunnen flink oplopen. Je moet hier budgetteren voor onzekerheid.
“Kies Heavycon als je een specifieke lading moet verplaatsen van dek naar dek. Kies Towcon als je een object moet verplaatsen van haven naar haven.”
Keuzehulp: welk contract moet je nu tekenen?
Het hangt volledig af van wat er op de werf ligt. Kies Heavycon als:
- Je een specifieke, zwaarlastige lading hebt (zoals een topside, een boorinstallatie of een transformator).
- De rederij de volledige 'lift and shift' verantwoordelijkheid op zich neemt.
- Je een vaste prijs wilt voor de operatie, zonder dat de duur van de reis de hoofdrol speelt.
- Je vaak met speciale lifting gear zoals 'tandem lifts' (twee schepen tegelijk) werkt.
- Je een schip, een drijvend object of een platform van A naar B moet slepen.
- De duur van de reis onzeker is door weersomstandigheden (off-hire clausule is je vriend).
- Je zelf geen zwaar last hoeft te liften, maar het object wel moet verplaatsen.
- Je de kosten per dag wilt managen en de brandstofprijsrisico's wilt afdekken via de bunkeradjustment.
De middenweg: Heavycon HLV (Heavy Lift Vessel)
Soms zit je er tussenin. Je hebt een zwaar object dat eigenlijk niet kan varen, maar je hebt een Heavy Lift Vessel nodig die het object laadt en het ook nog sleept of verplaatst.
In de praktijk zie je dan vaak een combinatiecontract of de nieuwere 'Heavycon HLV' variant, waarbij de noodzakelijke projectdocumentatie voor heavy-lift altijd op orde moet zijn. Hierbij huur je een schip dat kan liften én kan slepen, met een prijsstructuur die lijkt op Heavycon (vaste prijs voor de lift) maar met Towcon-elementen voor de reis. Een voorbeeld?
De klus waarbij een productieplatform vanuit Schotland naar West-Afrika moet. Je kunt apart een liftcontract en een sleepcontract sluiting, maar de meeste rederijen (zoals Dockwise/Vanguard) bieden een all-in package aan.
Dit is vaak goedkoper en minder gedoe, maar je moet wel scherp zijn op de voorwaarden. Wie draait op voor de kosten als het liften mislukt en het object alsnog gesleept moet worden? Heb je een specifieke vraag over jouw project? Kijk dan niet alleen naar de naam van het contract, maar naar wat er precies in de 'Scope of Work' staat. Dat bepaalt uiteindelijk of je de juiste hebt.